Informatie

adres
Kerk van het Heilig-Hart van Jezus, Kerkplein 17 Turnhout

voorzitter
Mia Vanheertum
014 - 41 62 77

dirigent polyfonie
Paul Elst

dirigent Gregoriaans
Maurits Van Obbergen

organist
Paul Elst

webbeheerder
mail

H.H. Missen

weekeinde
zondag: 9.30 uur (Hoogmis)

Cartoon

Facebookpagina

QR

Zangerskoor

Wij minnen, Heer, de luister van Uw Tempel,
de pracht van Uw altaar, wierook die stijgt
en geurt ... En alwie overschrijdt de drempel
ontbloot het hoofd, eerbiedig knielt en nijgt.

Het orgel ruist en schraagt de lofgezangen
die zwellen in de beuk - bede die aemt
en zweeft, wier echo's trillend blijven hangen,
die ieder hart tot medebidden praamt.

Wij zingen, Heer, wij danken, smeken, streven,
van Uw gelovig volk talen de vreugd
en smart. U, die de Troost zijt van dit leven
en die hierna ons eeuwig hoog verheugt.

Jozef Simons, koorlid
1888 - 1948

Cartoon

Buienradar

Weerbericht

Weersverwachting
Turnhout
Meer weer in Turnhout

Berichten

Oprichting in 1896

De oprichting van het Sint-Ceciliakoor dateert van 12 september 1896, op een ogenblik dat de missen nog plaatshadden in de voorlopige kapel (thans Stedelijke Muziekacademie). Het koor bestond toen uit 15 leden, en als voorzitter werd de heer Frans Straelen gekozen. De muzikale leiding berustte bij de heer Karel Claessen. Tijdens de oprichtingsvergadering werden de reglementen van inwendige orde als volgt vastgelegd:

  • artikel 1: er is een zangkoor ingericht in de parochiekerk van het H. Hart van Jezus te Turnhout
  • artikel 2: daar dit koor alleenlijk is ingericht ter eere Gods en tot opluistering der goddelijke diensten, zoo is het om er deel van te maken, volstrekt noodig dat men in en buiten de kerk van een stichtend gedrag zij; eene onchristelijke of ergerende levenswijze zal eene onverbiddelijke rede van uitsluiting wezen.
  • artikel 3: om aangenomen te worden moet men zijne aanvraag indienen bij den bestierder en met goeden uitslag eene proef onderstaan hebben voor wat het gehoor en de stem betreft; de commissie doet verders de aanneming mits goedkeuring door E.H. Pastoor.
  • artikel 4: er wordt eene commissie ingesteld bestaand uit vijf leden waaronder 1 voorzitter, 1 secretaris-schatbewaarder, 1 boetmeester en 2 leden. De bestierder van het koor maakt van rechtsweg deel van de commissie; de andere 4 leden worden door de zangers tusschen hen gekozen. De commissie staat onder het opperbestuur van den E.H. Pastoor als eerevoorzitter, en van de E.H. Onderpastoors als eereondervoorzitters.
  • artikel 5: de commissie vergadert ten minste viermaal in het jaar, de voorzitter heeft bovendien het recht dezelve bijeen te roepen, wanneer hij het noodig oordeelt.
  • artikel 6: de commissie wordt jaarlijks herkozen op het Sint-Ceciliafeest, de aftredende leden zijn herkiesbaar.
  • artikel 7: zijn voor de eerste maal als commissieleden gekozen de heeren:
    • Straelen Frans als voorzitter
    • Baeten Jozef als schatbewaarder
    • Strijmans Frans als boetmeester
    • Claesen Karel, bestierder
    • Van Ravensteyn Eduard als lid
  • artikel 8: de zangers verplichten zich van steeds, vol goeden wil, de raadgevingen en opmerkingen hun door de bestierder gedaan wel in acht te nemen om zoveel mogelijk een koor te vormen, waardig den lof van God te zingen.
  • artikel 9: zij verplichten zich van, zoo stipt mogelijk de herhalingen bij te wonen welke regelmatig alle woensdagen te 8 1/2 ure en meer zoo nodig naar oordeel des bestierders, zullen plaats hebben.
  • artikel 10: betalen eene boete van 10 centiemen: de zangers die zonder zeer gegronde reden afwezig zijn op de herhalingen of op de uitvoeringen der Hoogmis, op de zondagen en gebodene Heiligdagen, of ook op de uitvoeringen van het H. Lof welke door het bestuur als verplichtend zullen aangeduid worden.
  • artikel 11: de lofzangen, welke op den eersten vrijdag der maand worden uitgevoerd, zullen ook den opvolgenden zondag gezongen worden.
  • artikel 12: op het oxaal zal eene eerbiedige stilzwijgenheid in acht genomen worden, alleen wanneer de zanguitvoering zulks vereischt, zal er mogen gesproken worden.
  • artikel 13: voor de leden van het zangerskoor is de toegang tot het oxaal vrij. Personen die geen deel maken van het koor betalen een stoelgeld van 10 centiemen per dag.
  • artikel 14: het is streng verboden iets te schrijven of te teekenen in de koorboeken.
  • artikel 15: de boeten en andere ingezamelde gelden zullen dienen tot het geven van een feestelijk gastmaal ter gelegenheid van het Sint-Ceciliafeest. Dit feestmaal zal plaats hebben op eenen dag door de commissie te bepalen rond Sint-Cecilia. De leden zullen zich als dan op deftige en ware christelijke wijze verzetten, zij zullen zich onthouden van dronkenschap of andere buitensporigheden en zich op een bepaald uur huiswaarts begeven.
  • artikel 16: bij aftreding of uitsluiting uit het zangerskoor verliezen de leden alle recht op eenig deel der boeten of ingezamelde gelden.
  • artikel 17: bij sterfgeval van een lid van het zangerskoor zijn al de zangers verplicht den lijkdienst bij te wonen op boete van 50 centiemen, ziekte alleen ontslaat van deze boet.
  • artikel 18: alle onvoorziene gevallen betreffende het koor of het oxaal zullen door de commissie naar raad van den E.H. Pastoor onwederroepelijk beslist worden.

aldus gedaan en opgemaakt door de commissie en door al de zangers en den E.H. Pastoor goedgekeurd en onderteekend – Turnhout, den 10 juli 1897.

Uit de eerste verslagen vernemen we dat onmiddelijk een drietal missen in polyfonie werden aangeleerd, die met Kerstmis, Pasen en O.H.-Hemelvaart werden uitgevoerd, te weten: de mis Sainte-Therese van La Hache, de mis in fa van d’Archambeau en de mis van Van Mechelaere.

“Met groote voldoening kunnen wij hier aanhalen dat meermaals door het publiek en door bevoegde personen met veel lof over onze uitvoeringen werd gesproken, wij kunnen dan ook niet nalaten hier opentlijk hulde te brengen aan den iever en het taai geduld van onzen kundigen bestuurder-orgelist den heer Claessen en aan den moed en de opoffering van al de zangers, waardoor op betrekkelijk korten tijd deze schone uitslag werd bekomen.”

Ook de patrones, de Heilige Cecilia werd eer aangedaan. Zoals het bij alle muziekverenigingen een gewoonte is deze heilige uitbundig te vieren, bleef ook het koor niet ten achter. In 1896 werd Sinte-Ceciliafeest gevierd, een traditie die tot op heden nog altijd bestaat.

“Op 14 december 1896 vereenigden zich al de zangers met de E.H. Pastoor en geestelijken onzer parichie aan een feestmaal ter gelegenheid van Sint-Ceciliafeest, ten lokale van den katholieken volksbond. Het maal bestond uit stoofkarmenijen en gebraad en werd geleverd en opgediend door Mr. Keersmaekers, bovendien kreeg ieder deelnemer 5 glazen bier. Wij denken hier te mogen verklaren dat dit feest onder alle opzichten als goed gelukt te mogen verklaren. De E.H. Pastoor betuigde ons zijne voldoening over onze goede inrichting en moedigde ons in welgepaste woorden aan om op den ingeslagen weg voort te gaan ons tevens van zijn medewerking verzekerende. Menige schoone liederen werden beurtelings door de zangers opgevoerd en  iedereen keerde welgezind en ten behoorlijken tijde huiswaarts. Dit feest kostte 47 fr.; er was toen in kas boeten en andere ingezamelde gelden 24,81 fr., er was dus een te kort van 22,19 fr. betaald door den voorzitter.”

bron: Kerkelijk en Godsdienstig Leven in de Heilig-Hartparochie te Turnhout – Jef Roymans (1985)